Eliana Mahmudova

- Stochastische mechanismen: gebaseerdop toeval

- Evocatieve interacties: die laten zien dat een persoon een bepaalde respons bij anderen oproept. Voorbeelden: een kind dat in de klas snel de lachers op zijn hand krijgt of een jongere die beschrijft dat hij altijd als de schuldige gezien wordt, ongeacht of dit terecht is.

- Reactieve interacties: jongeren interpreteren situaties verschillend en reageren bovendien verschillend. Vb.: omgaan met kritiek.

- Proactieve interacties: verschijnsel dat een individu de situatie creëert of opzoekt die past bij zijn of haar persoonlijkheid of interactiestijl.

- Spectrumassociatie: Hier wordt ervan uitgegaan dat psychopathologie niet meer of minder is dan een extreme score op persoonlijkheidsdimensies of clusters van dimensies.

- Kwetsbaarheidassociatie: persoonlijkheid wordt gezien als een risicofactor voor het ontwikkelen van psychopathologie

- Veerkrachtassociatie: beschrijft hoe sommige trekken bescherming bieden in situaties waarin kinderen het risico kunnen lopen op psychopathologische ontwikkelingen, doordat ze de veerkracht juist verhogen.

- Pathoplastische associatie: richt zich op de manier waarop temperament en persoonlijkheidstrekken het verloop van een stoornis kunnen beïnvloeden.

- Littekenassociatie: beschrijft de manier waarop ervaringen met psychopathologie de persoonlijkheid van een kind kunnen veranderen.

- Sleeper-effect: effecten van vroegere ervaringen